Mission IJmuiden "Reese Crew"

IJmuiden... Voor de Amerikaanse luchtmacht was deze plaats synoniem voor extreem hoge verliezen. Het was bijna een jaar daarvoor, op 14 mei 1943, dat de tweemotorige Marauders van de Amerikaanse luchtmacht hun eerste operationele missie boven bezet noordwest Europa uitvoerden. Het doel was de elektriciteit centrale in Velsen. Meerdere bommen troffen het doel, maar deze werd niet uitgeschakeld, zodat drie dagen later de centrale wederom aangevallen moest worden. Deze tweede missie werd een drama van de elf opgestegen Marauders keerde er een vroegtijdig, terwijl de andere tien niet terugkeerden. Een zeer verliesrijke operatie “de Marauder kreeg de bijnaam “Widow Maker” en dat deed het moraal van de nieuwe Amerikaanse bemanningen geen goed. De plaats IJmuiden werd aan dit lot verbonden.

 

IJmuiden was van strategisch belang. De redenen waren de aanwezigheid van de Hoogovens, de PEN-centrale, de grote zeesluis, de directe vaarroute naar Amsterdam en natuurlijk de haven zelf die door de Kriegsmarine werd gebruikt.
Mijnenvegers, Vorpostenboten en Schnellboten waren regelmatig in de haven te vinden. De Schnellboten legden mijnen in de geallieerde scheepvaartroutes en vielen met hun torpedo’s schepen aan. Voor de geallieerden vormden deze boten een bedreiging, want tijdens de gevechten op zee waren ze door hun snelheid moeilijk te onderscheppen. Dus was het eenvoudiger om de ligplaats van deze schepen te vernietigen.

 

Medio november 1941 kwam aan het einde van de Haringhaven Schnellbootbunker 1 gereed. Deze bunker bood ligplaats aan tien boten bescherming tegen bombardementen. Begin 1943 begon de bouw van een tweede bunker aan het begin van de Haringhaven. Deze bunker bood veertien boten een ligplaats en had tevens vier reparatiedokken. Deze bouwwerken waren van enorme omvang. De tweede bunker had een dak dat tot 4,75 meter dik was. De lengte was ruim 240 meter en de hoogte bijna 18 meter. Een zware aanval liet niet lang op zich wachten.

 

 

Zondag 26 maart 1944 een prachtige warme dag met helder weer. In Engeland heerste er op vele vliegvelden van de Royal Air Force en 9th United States Army Air Force grote bedrijvigheid. Het doel waren de twee grote bunkers in de Haringhaven. Rond het middaguur stegen de zwaar beladen bommenwerpers op van hun bases en zetten vanuit England direct koers naar het doel. Onderweg kregen ze escorte van Britse jachtvliegtuigen, die mogelijke Duitse jageraanvallen moesten afweren

 

Om 12.55 uur loeide in de gemeente Velsen het luchtalarm. Dit alarm was van korte duur, want om 13.02 uur kwam het sein einde alarm. Het Duitse afweergeschut, dat rondom IJmuiden was opgesteld, kwam niet in actie. Het duurde niet lang of het tweede luchtalarm volgde om 13.27 uur. Ook in Amsterdam klonk er luchtalarm. De lands kampioenswedstrijd tussen de voetbalclubs Volewijckers en Heerenveen was toen pas elf minuten aan de gang. De spelers spoedde zich naar de kleedkamers, terwijl het publiek in het stadion bleef zitten. Meerdere malen werd het publiek gevraagd de tribunes te ontruimen, totdat de burgemeester van Amsterdam besloot deze belangrijke wedstrijd af te lassen.

 

Om 13.30 uur bombardeerden de middelzware bommenwerpers van 2 Group RAF als eerste. Voorop vlogen zesentwintig Mitchells, gevolgd door achttien Bostons. De aanval geschiedde vanuit de zon uit zuidzuidwestelijke richting. De Duitse afweergeschutstellingen, die vanaf 13.21 uur in hoogste staat van paraatheid waren, kwamen in actie. Hun doel was de aanval te verijdelen, danwel af te zwakken. De RAF bemanningen meldden bij hun terugkeer dat de Duitse schutters letterlijk in hun handen gevreven moeten hebben van blijdschap, want de geallieerden kregen een zeer warm onthaal.

 

Onder de Mitchells was het Nederlandse 320 Squadron. Het grondpersoneel had de 1.000 ponders beschreven met toepasselijke kreten als Wij zijn binnenkort thuis en Moeder hoor je me? Overste Burgerhout leidde de Nederlanders. Overste, er is nu overal flak. Op dat moment was er een klap die beduidend harder klonk dan de vorige. Ons vliegtuig trilde. Right, steady, steady, bombing, bombing, goooo! brulde ik opgelucht door mijn microfoon, terwijl ik op de afvuurknop drukte, aldus officier vlieger Hans van der Kop, die in het toestel van Burgerhout meevloog. Overste Burgerhout meldde na afloop: Bomtreffers werden waargenomen ten noordwesten van het doelgebied, alsmede treffers lopende van west naar oost ten noordoosten van het doelgebied. Tevens werden bomtreffers waargenomen tussen gebouwen en het gebied tussen de havens, terwijl er branden en ontploffingen gezien werden met vermoedelijke treffers op het doel. Het vijandelijk luchtafweer beschreef hij als middelmatig tot intens, dat even voor het bereiken van het doelgebied startte en de formatie bleef volgen tot circa acht kilometer uit de kust.

De negende Amerikaanse luchtmacht trok met een gigantisch armada naar IJmuiden. Maar liefst 378 Marauders van zeven Bomb Groups hadden de opdracht gekregen de bunkers aan te vallen een nieuw record. In totaal stegen 344 Marauders op. De eerste aanvalsgolf bombardeerde met 140 toestellen tussen 14.08 en 14.17 uur. Nummer 322 Bomb Group, die in mei 1943 de aanvallen op IJmuiden had uitgevoerd, leidde met Lieutenant Colonel Gove Celio de aanvalsgolf. In totaal namen 21 eerste missie veteranen deel aan deze aanval. De tweede aanvalsgolf met 198 toestellen was rond kwart voor drie klaar met bombarderen. Ruim 1.300 brisantbommen suisden naar beneden een ongekende revanche na de dramatische ervaringen in mei 1943.

 

Het Duitse luchtafweer was niet in staat om de aanval af te weren of af te zwakken. De Duitsers rapporteerden dat vijftien bommenwerpers een zwarte rookpluim lieten zien. Vijf zouden er zijn neergeschoten. In werkelijkheid kreeg tijdens het bombardement een Marauder om 14.49 uur een voltreffer ( dit was de "Toid Boid"). Ooggetuigen zagen dat het toestel in het bommenruim werd getroffen en explodeerde en daarbij in twee stukken brak. De “Reese crew” van nummer 323 Bomb Group stortte in de duinen van IJmuiden neer. De zeskoppige bemanning kwam hierbij om het leven. Twee Marauders maakten op Britse bases een noodlanding - de bemanningen bleven ongedeerd. Hieronder bevond zich het toestel van Lieutenant Colonel Gove Celio, die met zijn “Johnny Zero”op Framlingham beschadigd aan de grond kwam. Door het zware luchtafweer raakten ruim 80 Marauders beschadigd een schade percentage van 22%.

 

Een verklaring van Sgt Robert C. Malarkey, Tail Gunner, A / C 787:
"Ondanks dat we bezig waren met onze bom run, zag ik het vliegtuig Lt. Reese's in brand staan. Het vuur kwam uit de wortels van de vleugels en stroomde terug naar de staart. Ik draaide me om waardoor ik ze tijdelijk uit het oog was verloren. Toen ik ze daarna weer zag, ging de Toid Boid in een neerwaartse spiraal steil naar beneden. Uiteindelijk zag ik het toestel op de kust exploderen. Ik kon geen parachutes zien afkomstig van de Toid Boid.

 

 

German report Macr

MACR Report flight position “Toid Boid”

Uit een Duits rapport blijkt dat de "Toid Boid" was neergeschoten om 14:44 uur lokale tijd door Duits luchtdoelartillerie en was neergestort 2 km ten zuiden van IJmuiden in de Duinen.T

 

De bemanning van de  Toid Boid was een nieuwe crew omdat de  actuale crew (Foster crew) een dag vrij had. De bemanning die die dag de "Toid Boid" vloog was de Reese crew.

 

De Reese Crew bestond uit de volgende bemanningsleden:

 

* 2nd Lt Halmyth C. Reese (Pilot),

* Major William C. Berryman (Co Pilot),

* Sgt Paul R. Scott (Radio operator/ Waist gunner,

* Sgt Ralph R. Brown (Bombardier),

* S/Sgt Alex E. Sundberg (Armorer/Turret gunner,

* Sgt Donald L. Jacobs (Engineer/Tail gunner)

 

MACR report flight plan

Interments:

Name: Temporary grave: Temporary grave: Last Interment:
Halmyth Carroll Reese 29 March 1944 IJmuiden central cemetery Havenkade grave:117 20 November 1945 Grave marked by the US at the Havenkade IJmuiden Holand Plot S Grave 2 23 November 1945 Margraten Temporary Cemetery Plot :VV Row:7 Grave 172 1948 Plot A - Row 14 - Grave 26 Margraten Holland
William C Berryman 29 March 1944 IJmuiden central cemetery Havenkade grave:118 20 November 1945 Grave marked by the US at the Havenkade IJmuiden Holand Plot S Grave 1 23 November 1945 Margraten Temporary Cemetery Plot :VV Row:7 Grave 171 Arlington National Cemetery ,Arlington, Arlington County, Virginia, USA Section 11, Site 210-SH
Paul Raymond Scott 29 March 1944 IJmuiden central cemetery Havenkade grave:114.1KL.NOZ Named Unknown (Plain wooden cross with written on it "Amerikanischer Flieger gef.26 März 1944". (Unknown) 20 November 1945 Grave marked by the US at the Havenkade IJmuiden Holand Plot S Grave 7 X-2049 UNKNOWN 23 November 1945 Margraten Temporary Cemetery Plot :PPP Row: 2 Grave 47 ( X2049) (Unknown) 2 September 1948 Plot J - Row 16 - Grave 1 Margraten Holland
Alex E Sundberg 29 March 1944 IJmuiden central cemetery Havenkade grave:115 20 November 1945 Grave marked by the US at the Havenkade IJmuiden Holand Plot S Grave 4 X-2059 UNKNOWN 23 November 1945 Margraten Temporary Cemetery Plot :PPP Row: 5 Grave 122 ( X2059) (Unknown) 1948 Plot K - Row 18 - Grave 3 Margraten Holland
Ralph R Brown 29 March 1944 IJmuiden central cemetery Havenkade grave:113 20 November 1945 Grave marked by the US at the Havenkade IJmuiden Holand Plot S Grave 6 X-2057 UNKNOWN 23 November 1945 Margraten Temporary Cemetery Plot :PPP Row: 4 Grave 100 ( X2057) (Unknown) Fort Sam Houston National Cemetery, San Antonio, Bexar County, Texas, USA SECTION Q SITE 61
Donlad L Jacobs 29 March 1944 IJmuiden central cemetery Havenkade grave:116 20 November 1945 Grave marked by the US at the Havenkade IJmuiden Holand Plot S Grave 3 23 November 1945 Margraten Temporary Cemetery Plot :VV Row:7 Grave 173 Woodlawn Cemetery ,Wellsville, Allegany County,New York, USA Grave number: O-73

Uit een vorig onderzoek ter plaatse bleek dat het vliegtuig voor 95% was vernietigd. Een stuk van het straatdeel was herkenbaar waarop aan de linkerzijde te herkennen was het nummer 134 en aan de rechterzijde het nummer 853
Het Lichaam van Sgt Paul R Scott was gevonden onder de achterste geschutskoepel. Tijdens de berging kon het lichaam niet worden geïdentificeerd. De bemanningsleden werden op 29 Maart 1944 begraven in IJmuiden op de begraafplaats liggend aan de Havenkade. Na de oorlog werden de lichamen herbegraven op de tijdelijke begraafplaats in Margraten. In 1948 – 1949 werden veel gesneuvelde militairen gerepatrieerd naar de VS. 

 

 

Ondanks de vele afgeworpen bommen waren de resultaten van de aanval teleurstellend. De Duitse Festungskommandant van IJmuiden, Oberst Peters, meldde slechts negen voltreffers op bestaande bunker. Deze raakte zeer licht beschadigd. Het cement was maar tot een diepte van 15 centimeter (!) vernield. De nieuwbouw bunker kreeg ook enkele treffers, zonder ernstige schade aan te richten. Vol trots meldde Oberst Peters dat de voltooiing van de bunker niet vertraagd zou worden. Het overgrote deel van de bommen viel buiten het doelgebied. Het gehele duinterrein ten westen en zuiden van de Haringhaven was met bomkraters bedekt. De geallieerden waren geïnstrueerd al het mogelijke te doen om de gemeente te sparen; de meeste bommen vielen te vroeg.


In Oud-IJmuiden waren vele voltreffers in de Noorderkade (o.a. de Gereformeerde Kerk), Prins Hendrikstraat, Kanaal- en Annastraat. Aan de zuidzijde van de vissershaven waren voltreffers in de Trawlerkade, de Middenhavenstraat, Industriestraat, Haringkade en Loggerstraat.


Gaten van vijf meter diepte en tien meter diameter waren in de straten geslagen. Doordat het gebied geheel geëvacueerd was en het een zondag was, zodat er in de industriewijk zeer weinig personen waren, was het aantal burgerslachtoffers in verhouding tot de omvang van het bombardement gering. Acht burgers kwamen om het leven; vijf van hen door een voltreffer op een schuilplaats op de hoek van de Loggerstraat en Haringkade.

 

De Duitsers telden 17 doden, 24 vermisten en 36 gewonden. In de haven gingen vier Hafenschutzboten, een drijvende Torpedotrager en een Vorpostenboot verloren, terwijl een Hafenschutzboot beschadigd raakte. Twee Schnellboten bevonden zich buiten de bunkers. Door voltreffers explodeerden de aan boord aanwezige torpedo’s, zodat deze zonken. Een koelhuis aan de Trawlerkade kreeg een voltreffer. Dit koelhuis diende door de opslag van vlees, groente en fruit. Een deel van de opgeslagen levensmiddelen ging verloren. In de kelders van vishal A waren springstoffen opgeslagen om bij een eventuele geallieerde landing de haven te kunnen verwoesten.
De vishal werd geraakt en vloog in brand.


Door deze brand tijdig te blussen en af te dammen kon het in de lucht gaan van de springstoffen worden voorkomen.

See the difference were between the heavy and light bombs

In Londen concludeerde men dat de aanval op de bunkers twee maanden te laat kwam. Sinds het begin van 1943 waren de vorderingen van bunker 2 gevolgd. Eind januari 1944 werd begonnen met het betonnen dak over de ligplaatsen aan te brengen. Een succesvol bombardement had toen nog (waarschijnlijk) zware schade aan kunnen richten of vertraging in de oplevering kunnen veroorzaken. Op 26 maart was het dak gereed en konden de 1.000 ponders, die het enorme betonnen bouwwerk troffen, geen ernstige schade meer toebrengen. De aanval was allesbehalve een succes, een verspilling van tijd, energie, materiaal en mensenlevens.

 

Geschreven door: Rob van den Nieuwendijk bunkerforum en info toegevoegd door Roger Zoontjens

MACR3376

Fold3_Page_12_Missing_Air_Crew_Reports_MACRs_of_the_US_Army_Air_Forces_19421947-1.jpg
Fold3_Page_12_Missing_Air_Crew_Reports_MACRs_of_the_US_Army_Air_Forces_19421947-1.jpg
Fold3_Page_13_Missing_Air_Crew_Reports_MACRs_of_the_US_Army_Air_Forces_19421947-2.jpg
Fold3_Page_13_Missing_Air_Crew_Reports_MACRs_of_the_US_Army_Air_Forces_19421947-2.jpg
Fold3_Page_14_Missing_Air_Crew_Reports_MACRs_of_the_US_Army_Air_Forces_19421947-2.jpg
Fold3_Page_14_Missing_Air_Crew_Reports_MACRs_of_the_US_Army_Air_Forces_19421947-2.jpg
Fold3_Page_15_Missing_Air_Crew_Reports_MACRs_of_the_US_Army_Air_Forces_19421947-2.jpg
Fold3_Page_15_Missing_Air_Crew_Reports_MACRs_of_the_US_Army_Air_Forces_19421947-2.jpg
Fold3_Page_16_Missing_Air_Crew_Reports_MACRs_of_the_US_Army_Air_Forces_19421947-2.jpg
Fold3_Page_16_Missing_Air_Crew_Reports_MACRs_of_the_US_Army_Air_Forces_19421947-2.jpg
Fold3_Page_17_Missing_Air_Crew_Reports_MACRs_of_the_US_Army_Air_Forces_19421947-2.jpg
Fold3_Page_17_Missing_Air_Crew_Reports_MACRs_of_the_US_Army_Air_Forces_19421947-2.jpg
Fold3_Page_18_Missing_Air_Crew_Reports_MACRs_of_the_US_Army_Air_Forces_19421947-2.jpg
Fold3_Page_18_Missing_Air_Crew_Reports_MACRs_of_the_US_Army_Air_Forces_19421947-2.jpg
Fold3_Page_1_Missing_Air_Crew_Reports_MACRs_of_the_US_Army_Air_Forces_194219471-1.jpg
Fold3_Page_1_Missing_Air_Crew_Reports_MACRs_of_the_US_Army_Air_Forces_194219471-1.jpg
Fold3_Page_1_Missing_Air_Crew_Reports_MACRs_of_the_US_Army_Air_Forces_19421947-2.jpg
Fold3_Page_1_Missing_Air_Crew_Reports_MACRs_of_the_US_Army_Air_Forces_19421947-2.jpg
Fold3_Page_2_Missing_Air_Crew_Reports_MACRs_of_the_US_Army_Air_Forces_19421947-2.jpg
Fold3_Page_2_Missing_Air_Crew_Reports_MACRs_of_the_US_Army_Air_Forces_19421947-2.jpg
Fold3_Page_3_Missing_Air_Crew_Reports_MACRs_of_the_US_Army_Air_Forces_19421947-2.jpg
Fold3_Page_3_Missing_Air_Crew_Reports_MACRs_of_the_US_Army_Air_Forces_19421947-2.jpg
Fold3_Page_4_Missing_Air_Crew_Reports_MACRs_of_the_US_Army_Air_Forces_19421947-2.jpg
Fold3_Page_4_Missing_Air_Crew_Reports_MACRs_of_the_US_Army_Air_Forces_19421947-2.jpg